Reflectie

Voor alle overzichtelijkheid zal ik in deze zelfreflectie de beoordelingen en competenties bespreken en, in geval van onvoldoende, direct bespreken wat ik heb gedaan om deze competenties toch te bewijzen. Overigens zal ik onderaan de reflectie mijn studieroute kort weergeven, gezien dit een andere route is. De dik gedrukte P1 tot en met P6 geven aan op welke volgorde ik de projecten doorliep.

Het eerste project waaraan ik deelnam was de Nieuwsredactie (P1). De beoordeling die ik daarvoor kreeg was een vier. Een dikke onvoldoende dus. De feedback die ik kreeg luidde als volgt: “De kwaliteit van je journalistieke producten was echt nog niet goed genoeg. Berichten riepen vragen op, het bronnengebruik was te beperkt en je kon niet aannemelijk maken dat je voor sommige producties op pad was geweest. Voor een aantal onderdelen had je ook niets ingeleverd. Teamwork was redelijk, alleen was je kennis/inbreng wat betreft actualiteit dan weer onder de maat”, aldus de toelichting in de beoordeling. De competenties die ik dan met een onvoldoende afrondde waren verzamelen, selecteren, ordenen en reflecteren op maatschappelijke verschijnselen en ontwikkelingen. De nieuwsredactie viel mij zwaar. Ik was niet gewend aan het werken op een redactie en ik beleefde het project dan ook als saai, lang en eentonig. Toch besefte ik dat ik daar vooral zelf schuld aan was. De onderwerpen die wij als leerlingen mochten aandragen, kozen wij uiteraard zelf. Als ik mij meer enthousiast en actief had opgesteld had ik deze bijeenkomsten beter voor kunnen bereiden en uiteindelijk producten kunnen maken die ik echt leuk vond.

(Competenties onvoldoende: verzamelen, selecteren, ordenen en reflecteren op maatschappelijke ontwikkelingen.)

Tijdens mijn Stage 1 (P5) zag ik dat terug in de praktijk. Ik zocht onderwerpen die ik graag wilde uitwerken en had dan ook plezier in mijn werk. Verder besloot ik van de mogelijkheid gebruik te maken herkansingsstukken voor de nieuwsredactie aan te leveren die ik maakte tijdens mijn stage, bij het Limburgs Dagblad. Zo leverde ik vier stukken aan, namelijk het stuk over de nieuwe ontmoetingsplek in Meezenbroek, de nationale burendag in Hoensbroek, de grote spread waarin ik de studentenverenigingen in Heerlen in beeld bracht en het laatste stuk over stichting ‘Oopoeh’, een organisatie die dierenbezitters en ouderen met elkaar in contact brengt om zo oppas-afspraken te regelen en in het verlengde daarvan de eenzaamheid onder ouderen tegen te gaan. De stukken werden tijdens het – eerste – verbredingsassessment met een voldoende beoordeeld en daarmee bleef alleen de actualiteitentoets nog open staan. Overigens herkanste ik tijdens mijn stage ook het betoog. Ik leverde een nieuw stuk in bij Jos Straathof, die mij met een voldoende beoordeelde. Toch bleven er, na mijn stage, nog een aantal competenties onvoldoende. Met een 6- van mijn praktijkbegeleider gaf Monique de Knegt mij de opdracht nog twee weken op de nieuwsredactie van school mee te lopen om de competenties reflecteren op het vak – dan wel in het kader van mijn stageverslag, verwerken en reflecteren op maatschappelijke ontwikkelingen te bewijzen. Dit was ook een goede maatstaaf voor mijzelf. Want hoe had ik mij in de tussentijd (vanaf de tijd dat ik zelf de nieuwsredactie volgde) verbeterd? Het bleek dat ik gegroeid was. Zo was de feedback die ik van mijn co’s kreeg erg positief. Ze noemde mij ‘de beste van de redactie’ en Monique de Knegt beoordeelde mij dan ook met een voldoende.

(De competenties die ik tijdens de nieuwsredactie met een onvoldoende afrondde, behaalde ik nu tijdens mijn Stage 1. Door middel van de aangeleverde herkansingsstukken, het betoog en de producten in het kader van mijn stage zelf.)

De Buitenlandredactie (P2) behaalde ik met een voldoende en vond ik overigens een van de leukste projecten van het tweede leerjaar. Zelf een onderwerp bedenken, op pad gaan (onderzoeken) en dit verder uitwerken dan enkel één achtergrondverhaal sprak mij erg aan. Ik reisde af naar Kreta (Griekenland) om daar te schrijven over de situatie van de straatdieren op het eiland. Daarvoor maakte ik een blog, die mijn begeleider (Roy Mevissen) kon bijhouden. Na afloop van mijn reis ging ik met mijn begeleider – zoals alle andere studenten – in gesprek. Zoals ook in de beoordeling staat, vertelde Roy Mevissen mij dat ik soms schreef als een activist in plaats van een journalist. Wij spraken af dat ik nog een stuk zou schrijven met een meer ‘onafhankelijke toon’. Toch was hij enthousiast over mijn product (blog) en zegt hij: “Waar ze enorm in uitblinkt: ze heeft op Kreta hard gewerkt. Heel veel berichten gepost. Ze heeft veel ondernomen, veel gezien en daarover gepubliceerd. Dat ze haar weg weet te vinden en dat kan vertalen naar verhalen, zegt veel over creativiteit”, aldus Mevissen.

Dat ik soms te ver doorschiet in mijn enthousiasme, en daardoor de activistische kant raak als ik schrijf over dieren, bleek ook tijdens de beoordeling van mijn vrije ruimte producties toen ik voor de eerste keer op verbredingsassessment ging. Ik maakte een tijdschrift over dierenwelzijn en een blog over het welzijn van wilde dieren in circussen. Zoals in mijn beoordeling van het assessment te lezen is; “Esmée wordt meegesleurd in haar eigen interesse en kan daardoor niet goed meer afstand nemen. Haar enthousiasme over bepaalde onderwerpen is zo groot, dat ze de doelgroep over het hoofd ziet”, aldus de toelichting in de beoordeling van het verbredingsassessment. Vandaar dat ik besloot mijn nieuwe vrije ruimte producties, zeer zeker bij mijzelf en mijn interesse in de buurt te houden, maar toch te kiezen voor, voor mij, wat minder gevoelige onderwerpen. Namelijk het stuk over de bezuinigingen op de Domussen van het Leger des Heils. Het, ook eens, positieve stuk over ‘het gat in de Parkstad’ Heerlen en (uiteraard een onderwerp wat ook dicht bij mijzelf staat) de journalistiek.

De eerste keer dat ik op Stage 1 ging, bij Dichtbij.nl in Eindhoven (P3), viel mij erg tegen. Tijdens het sollicitatiegesprek vertelde ik waar ik graag over schreef – dieren (in nood) – en werd mij beloofd dat ik (ook) over dit onderwerp mocht schrijven en daarvoor op pad mocht. De praktijk bleek anders. Natuurlijk kun je niet eisen dat je enkel over onderwerpen mag schrijven die je leuk vindt. Dat is totale onzin. Maar ook het werk op de redactie viel mij erg tegen. Zoals bekend is Dichtbij.nl een nieuwssite, in de praktijk betekende dat, dat ik als stagiaire van negen tot zes achter mijn laptop zat en enkel ANP berichten moest herschrijven en vervolgens op de site moest publiceren. De eerste week was erg teleurstellend. Gezien ik niet op pad mocht. Ik besloot niet te snel mijn conclusie te trekken en door te gaan. De tweede week viel mij opnieuw erg tegen en ik voerde daarover een gesprek met mijn praktijkbegeleider. Hij verzekerde mij dat, naarmate ik langer stage zou lopen, ik meer op pad mocht. De derde week was niet veel anders en mijn motivatie zakte snel weg, wat ook te merken was op stage. De vierde week had ik opnieuw een gesprek met mijn praktijkbegeleider en is de stage afgebroken.

Het project dat daarop volgde was de Mediaredactie (P4). Deze rondde ik af met een vier. Opnieuw op een competentie die al eerder aan bod kwam, reflecteren op het vak. “De kwaliteit die je deze periode hebt laten zien is te wisselend. Nu eens maak je serieus werk van voorbereidingen op lessen en producten, dan weer ben je te weinig aanwezig of niet scherp genoeg”, aldus Harmen Groenhart in de beoordeling. De conclusie die hij hier uit trok luidde als volgt: “Het kan hard klinken maar ik betwijfel of de journalistiek het geschikte vak voor je is. Dat komt met name door de weinig kritische houding die je laat zien tegenover informatiebronnen en de weinig zelfstandigheid en doordachte aanpak van een onderwerp. Het kan zeker zo zijn dat je daar nog in kunt groeien, maar vooralsnog is het wat twijfelachtig.” De verklaring, waarom mijn werk en deelname zo wisselend was, is volgens mijzelf dat ik mij in deze periode erg teleurgesteld voelde over mijn eigen resultaten. De nieuwsredactie ging niet goed en ook de stage verliep anders als gedacht. Toch kreeg ik ook positieve feedback op mijn tweede onderzoeksverslag. “Je hebt heel serieus werk gemaakt van het tweede onderzoeksverslag. Complimenten daarvoor, een ruimte voldoende! Goed leesbaar en helder van toon. Misschien dat de onderzoeksverslagen je beter liggen dan journalistieke artikelen”, zo lichtte Groenhart toe in de beoordeling. Ter reparatie kreeg ik de opdracht twee journalistieke producten aan te leveren – die met een voldoende beoordeeld zijn – en het eerste onderzoeksverslag aan te passen. Die ik aandroeg tijdens het eerste verbredingsassessment. Helaas was de tweede versie van dit eerste onderzoeksverslag tijdens het assessment nog niet goed voldoende. “Er is een stijgende lijn zichtbaar in haar verslag maar het kan de eindstreep niet halen”, aldus de toelichting in de beoordeling. Mondeling kreeg ik uiteraard wat tips mee. Namelijk: beschrijf een aantal zaken duidelijker zodat de lezer weet hoe je het bedoelt. Ik hoop dan ook dat jullie, de assessoren van dit assessment, mijn verslag duidelijk geschreven vinden.

(Competenties in eerste instantie onvoldoende: reflecteren op het vak. Deze behaalde ik door middel van de twee extra stukken alsnog met een voldoende, zoals in de beoordeling van het journalistiek dossier staat.)

Vervolgens, deels tijdens de herkansing van mijn Stage 1, nam ik deel aan de Onderzoeksredactie (P6). Deze rondde ik af met een voldoende. In de toelichting zegt Jos Straathof onder andere: “Esmée heeft hard gewerkt in dit project. Ze is in verband met stage later begonnen en heeft voor het blok Misdaad alleen gewerkt.”

Gaandeweg groeide ik in mijn presteren. De competenties die ik tijdens vorige redacties onvoldoende bezat haalde ik in de loop van mijn studieroute op. Zoals de dikgedrukte tekst aangeeft. In het begin van deze reflectie gaf ik al aan dat ik een andere studieroute doorliep. Zo moest ik mijn Stage 1 herkansen en ook de onderzoeksredactie, gezien mijn afwezigheid in eerste instantie. De conclusie kan dan ook getrokken worden dat ik een groei heb doorgemaakt tijdens het tweede leerjaar. Ik verloor mijn motivatie maar ik herpakte mij en zette mijn schouders er onder. Verder besloot ik, uiteraard, in het derde jaar verder te werken aan mijn competenties. Vandaar dat ik mij inschreef voor (o.a.) het project ‘Schrijven Lang’. Deze behaalde ik met een voldoende. Ook mijn begeleider merkte dat ik tijdens dit project verder groeide. Dit kunt u overigens ook lezen in de beoordeling van Schrijven Lang, die ik ter onderbouwing onderaan dit bericht voeg.

Studieroute

Nieuwsredactie (P1)
Buitenlandredactie (P2)
Eerste Stage 1, Dichtbij.nl (P3)
Mediaredactie (P4)
Herkansing Stage 1, Limburgs Dagblad (P5)
Onderzoeksredactie (P6)

Beoordeling Schrijven Lang: